Themafondsen

superheld

Thematische fondsen kun je herkennen aan hun naam: daarin vind je vaak woorden als green, climate change, sustainable pioneers, alternative energy, water, agri, ..

Via de keuze voor themafondsen beleg je in beursgenoteerde bedrijven die producten en diensten leveren die te maken hebben met urgente noden van onze samenleving. Producten en diensten die te maken hebben met een specifieke duurzaamheidsuitdaging beantwoorden onder meer aan de stijgende behoefte grondstoffen niet verder uit te putten en respect voor biodiversiteit. Ze bieden oplossingen voor onze stijgende energiebehoeften zonder de aarde verder op te warmen, oplossingen voor ons voedsel- en zoetwatertekort, voor gezonde voeding en een gezonde leefomgeving of voor een propere aarde met behoud van onze biodiversiteit. De geselecteerde bedrijven werken aan antwoorden via (de ontwikkeling van-) nieuwe technologie en verkoop en productie van aangepaste producten. Denk maar aan zuinige en minder vervuilende productie methoden, aan hernieuwbare energie, biologische landbouw, aan methoden om zout water zoet te maken of duurzaam bouwen.

Bedenkingen bij themafondsen:

  1. Themafondsen zijn soms moeilijk te onderscheiden van klassieke sectorfondsen. Fondsen die louter investeren in een bepaalde sector: duurzame energie, water, landbouw,… Om klassieke sectorfondsen van duurzame varianten te onderscheiden moet je kijken of ze ook niet-financiële uitsluitingscriteria hanteren. Het is immers niet omdat je bijvoorbeeld windenergie produceert, dat je daarom automatisch ook je werknemers goed behandelt.
  2. Thematische fondsen hebben te maken met dingen die levensnoodzakelijk zijn voor ons als samenleving. Bedrijven kunnen daar een erg belangrijke rol in spelen. Hun commerciële ingesteldheid kan bijdragen tot snelle en massaal verspreide vernieuwingen.  Anderzijds is het ook zo dat voedsel- en energieproductie, waterbeheer- en distributie, … in handen geven van grote buitenlandse bedrijven, grote risico’s inhoudt. Denken we maar aan de geo-politieke afhankelijkheid die dat voor een land met zich mee kan brengen.  Wat als zulk een bedrijf de energie, water of voedselkraan toedraait? Of tijdelijk de productie verlaagt om de prijs van zijn voor lokale consumenten levensnoodzakelijke producten kunstmatig op te drijven?  Wat indien de geleverde kwaliteit ondermaats blijft? Wat als het bedrijf schaarse grond en water vervuilt of enkel voor export produceert? Wat indien winst primeert en het bedrijf het voedsel, proper water of de geneesmiddelen niet voor iedereen en/of aan betaalbare prijzen produceert? Wat indien men zwakte van lokale overheden of corruptie gebruikt heeft om terzake geen verplichtingen opgelegd te krijgen? Bovendien zijn sommige ‘oplossingen’ discutabel: grootschalige landbouw en genetische manipulatie bijvoorbeeld worden verdedigd als oplossing voor onze voedselnood. Hoe staat het betrokken themafonds daar tegenover?

Allemaal vragen en redenen voor sommigen om niet in dergelijke producten te stappen. Vooralsnog heeft FairFin terzake  geen grondig vergelijkend onderzoek gedaan. We raden voorlopig aan om zeker niet in te stappen in sectorfondsen die geen sociale en ecologische uitsluitingscriteria gebruiken.  Een minimum is dat ernstige milieuvervuiling en schending van mensen- of arbeidsrechten tot uitsluiting leiden. Alsook dat ernstige en/of herhaalde publieke controverses tot uitsluiting van financiering leiden. 

En zo je wenst dat je geld zo weinig mogelijk gebruikt wordt ter financiering van grote bedrijven die op vele terreinen en in vele landen actief zijn, kies je best helemaal niet voor beleggingsfondsen, maar kies je best voor duurzaam sparen en direct en indirect investeren.