Hoera, crisis!

Hoe het middenveld een volgende financiële crisis kan gebruiken voor de goede zaak
Image from page 279 of "The Ladies' home journal" (1889)

De Italiaanse banken zijn inmiddels gered met 20 miljard staatssteun. Een geluk voor Banca Monte dei Paschi di Siena, een ramp voor het land en de bevolking. Aangezien het businessmodel van banken na de crisis van 2008 niet echt is veranderd, kan dit scenario zich elders in Europa gemakkelijk herhalen. Wat als we weer door een financiële crisis worden getroffen? Een interessante denkoefening om kansen en drempels voor het middenveld scherp te stellen.

De vorige financiële crisis (die die begon in 2008) heeft geen fundamentele wijzigingen aan het financieel systeem teweeggebracht. De hoofdrolspelers, onze grootbanken, waren too big to fail, too big to jail en too big to manage, wat betekent dat ze nu nog altijd bestaan, dezelfde mensen aan het roer staan en er geen regulering is gekomen die het businessmodel van grootbanken heeft gewijzigd. 'Meer regels, geen wetten', zoals Joris Luyendijk het stelt.
Doordat de overheden de banken hebben moeten redden, zijn de echte veranderingen bij de burgers terechtgekomen: zij zijn het die de besparingen op hun dak krijgen. Langer werken, meer zorgen en geen greep op de economie. Mensen voelen zich machteloos. Machteloos en moe.

Het probleem met grootbanken

FairFin is een sociaal-culturele beweging die de kloof tussen burgers en het financieel systeem wil dichten. Had FairFin na deze crisis iets voor de mensen kunnen doen? Hadden we burgers kunnen verenigen, de straat op kunnen gaan, ze een stem geven?

We hadden het graag gedaan, maar - in alle eerlijkheid - we waren totaal niet voorbereid op een financiële crisis. Ja, we hebben altijd gezegd dat winst als enige doel geen goed idee is, dat geld een middel is, etc. maar we hadden geen tools om inzichtelijk te maken waar het systeem exact faalde, geen onderzoek dat aantoonde hoe het verdienmodel van banken botste met de belangen van de samenleving, niks van dat. We hadden rapporten over investeringen in steenkool, maar dat deden banken - toen nog - af als politiek. En daar moesten ze zich niet mee bezig houden.
Misschien was niemand echt goed voorbereid. Het is vast niet toevallig dat de meest interessante benaderingen van het probleem met grootbanken jaren op zich lieten wachten. In de tussentijd waren het klassieke economen die in de media commentaar gaven. Waren het verkeerde risicoberekeningen, buitenlandse toestanden en een enkele gehaaide bankier die de schuld kregen.

Terwijl de oorzaken veel dieper liggen. Dieper en dichterbij tegelijkertijd.

Financiële sector vs. de maatschappij

Er is tijdens de financiële crisis vaker gezegd dat dit een opportuniteit zou zijn om de boel helemaal anders te doen. Machtsverhoudingen verschuiven, er moeten acuut ingrijpende beslissingen worden genomen... Waarom die kans niet aangrijpen om zaken die toch al niet zo lekker liepen, anders te doen?

Een van de redenen dat dit na 2008 niet is gebeurd, is wellicht dat de machtsverhoudingen niet echt zijn verschoven. Banken gingen weliswaar failliet, maar de meeste overheden die hen hebben gered, zijn nooit de confrontatie met de banken aangegaan. Corporate Europe Observatory brengt na de crisis het een na het andere rapport uit over de revolving door tussen politiek en financiële sector en de manier waarop expertengroepen rond regulering van de financiële sector in de Europese Unie consequent worden samengesteld uit mensen... uit de financiële sector. Op 22 december 2016 bijvoorbeeld, kondigde de EU commissie aan dat ze een High Level Expert Group voor sustainable finance heeft opgericht. Twaalf van de twintig leden van deze groep komen uit financiële sector.

Bankiers zeggen niet aan politiek te willen doen, maar politici durven niks in te brengen tegen bankiers. De macht van deze sector staat de democratie in de weg.

Ondertussen zoekt die democratie andere manieren om zich te manifesteren. Bijvoorbeeld via aankoopgedrag. Mensen komen los van hun vaste bank of energieleverancier en maken zelf een keuze, op basis van hun voorwaarden. REScoop.eu gaf samen met o.a. Greenpeace opdracht tot een onderzoek dat aantoont dat burgers door als ‘prosument’ te investeren in hernieuwbare elektriciteitsproductie, ze tegen 2050 in 45% van de Europese stroomvraag kunnen voorzien. Het rapport toont ook het potentieel van de verschillende types van 'energieburgers'. Leden van energiecoöperaties zouden 37% bijdragen terwijl kleine bedrijven kunnen instaan voor 39%, huishoudens voor 23% en publiek initiatief voor 1%.

Actief burgerschap, zucht, nog iets om te 'moeten'. Marc Reynebeau schreef het in reactie op Gwendolyn Rutten toen die zei dat burgers hun spaargeld zouden moeten activeren: "Voor beleggingen hebben we geen tijd, want in het weekend hebben we al onze energie nodig om een burn-out te voorkomen." Veranderingen in het financieel systeem kunnen niet op zich staan, ze moeten gepaard gaan met een verandering in het persoonlijk leven - waar de 'financialisering' evengoed doorwerkt.

Femma deed een onderzoek onder 3260 Vlamingen en de resultaten wezen uit dat de combinatie werk en zorg voor de meesten onder hen onhoudbaar is. "Burn-out is een symptoom van onze maatschappij." De organisatie pleit voor een 30-uren week met waardig loon. Hoewel bij de lancering van het idee 'vakkundig neergesabeld' als van de pot gerukt en onbetaalbaar, is arbeidsduurvermindering nu al iets waar werkgevers zelf mee afkomen in tijden van crisis. ING legde het bijvoorbeeld op tafel bij de recente ontslagen. Hadden ze dit goed voorbereid, aldus Femma, dan had het kunnen werken.

“In de economie gelden dezelfde regels als in de samenleving”

Om deze keer wél goed voorbereid te zijn als de crisis uitbreekt, organiseerde FairFin 15 december een discussieavond met Ecopower, Femma en Corporate Europe Observatory (CEO). Als startpunt vroegen we de verschillende organisaties een geslaagde nieuwe economie van 2030 te schetsen. In het kort: binnen veertien jaar hebben we een kleinere, diverse financiële sector, produceert een aanzienlijk gedeelte van de bevolking zijn eigen energie en werken we minder. Mensen hebben meer controle over hun leven en over de samenleving. De rol van het middenveld om hier te geraken is niet gering: “Politiseren, het offensief aangaan en zich niet in een hoekje laten drukken,” aldus Ilse De Vooght van Femma.

Een stappenplan hebben we na deze avond nog niet, maar er zijn zeker interessante aanzetten gegeven.“2017 wordt een extreem spannend jaar,“ meent Olivier Hoedeman van CEO, “we moeten het breed gedragen gevoel van onrechtvaardigheid dat heerst bij mensen serieus nemen. We moeten werken aan onze deskundigheid, strategie en eisen, om het gevoel van urgentie bij een volgende crisis te grijpen en felle discussies te voeren.”

OK, misschien hadden we onze eisen niet helemaal op een rijtje in 2008, maar ook toen was er al veel kennis aanwezig, juist bij organisaties als CEO. Toch heeft de informatie niet doorgewogen. Waarom niet? Een van de voornaamste problemen die deze avond wordt gedetecteerd, is dat economie wordt voorgesteld als een aparte sfeer, waarin andere regels gelden dan in de rest van de samenleving. Dat merkt ook Femma in haar campagne voor een 30-uren week: men vindt de combinatie van werk en zorg al gauw iets voor thuis, een probleem dat aan de keukentafel moet worden opgelost. Maar het heeft juist alles te maken met onze economie! Wat is het nut van een economie als ze de samenleving niet hoeft te dienen? Het is op de grens tussen die werelden dat een groot potentieel zit voor sociaal verzet. Een gemeenschappelijke opdracht voor de vier aanwezige – en op het eerste zicht zeer verscheiden – organisaties is gevonden. Het is aan ons om te benadrukken dat er in de economie wél dezelfde regels gelden.

Een voorbeeld van een geslaagde campagne op die grens tussen economie en samenleving, is het verzet van Europese gemeenten tegen het vrijhandelsverdrag TTIP. Een zeer complex dossier waar desalniettemin zeer veel aandacht voor is geweest, door de manier waarop de verregaande gevolgen voor nationale bevoegdheden en het milieu, aan het licht werden gebracht. Activist/ onderzoeker Susan George omschreef dit als de 'Draculastrategie': zaken die in het donker worden onderhandeld in de schijnwerpers zetten, zodat ze verschrompelen zoals een vampier dat zou doen. 

Alternatieven naar voren schuiven

Naast zaken scherp stellen, is het in geval van crisis ook noodzakelijk om alternatieven aan te dragen. Hiervoor is van onderop pionieren zeer belangrijk. “Soms kun je niet direct doen wat je graag zou willen doen omdat je niet aan zet bent,” zegt Frank Vanaerschot van FairFin, “invloed opbouwen is een werk van lange adem. Maar als wij vandaag een systeem van sociale zekerheid hebben is dat ook maar alleen omdat arbeiders onder elkaar een verzekeringsstelsel zijn beginnen uitbouwen.”

Om haar campagne verder te kunnen uitrollen, start Femma dit jaar met een experiment 'anders en minder werken' in de eigen organisatie. Ook in de stal van FairFin tonen we al jaren dat het anders kan. Door rentevrije leningen te geven met steun van de achterban, buiten de bank om, zoals Socrowd doet, of met lokale munten die naast de euro bestaan, zoals de Torekes in Gent en de e-portemonnee in Limburg. Het moest fantastisch zijn moesten dergelijke succesvolle initiatieven kunnen worden opgeschaald. Dirk Vansintjan haalt de campagne 'Eandis is van jou en mij' als een geslaagd voorstel om een groot aantal burgers bij energievoorziening te betrekken en een tegenwicht te bieden aan de logica van multinationals. “Mensen moeten ambitieuzer zijn, zegt Vansintjan, “het is een kwestie van gemolken worden of als vrije koeien door het bos wandelen.”

“Maar,” klinkt uit de zaal, “ik krijg mijn vriendin al niet mee naar een avond als deze. Hoe krijg je mensen dan overtuigd van hun stem in de economie?” Vanaerschot: “Misschien is het ook helemaal niet belangrijk dat ze meekomt. Dat slechts een klein gedeelte van de bevolking zich actief bezighoudt met het bewerkstelligen van verandering.” De Vooght: “Sociaal psycholoog Harald Welzer zegt dat ook: er is maar een klein percentage kritische denkers nodig, maar wel doorheen alle geledingen van de bevolking.” Vanaerschot: “De onderdrukten moeten elkaar zien te vinden. We moeten over thema’s heen naar andere bewegingen kijken en zien waar we elkaar kunnen helpen.” In die zin is Hart Boven Hard een zeer succesvol initiatief. Het brengt zeer veel actoren, die elkaar anders niet zouden tegenkomen, bij elkaar.

Goede voornemens voor 2017

Alternatieven ontwikkelen, politiseren en elkaar opzoeken: het zijn mooie voornemens voor FairFin om dit jaar in te gaan. En een tweede crisischeck staat zeker nog op het programma. Hopelijk samen met zeer veel andere organisaties!